
‘Het Europees Defensie
Fonds is een potentiële goudmijn voor het Nederlandse bedrijfsleven,
er komt een grote pot met subsidies beschikbaar’. Aan het woord is
Barbara Visser, staatsecretaris van Defensie, op de Europadag
in Utrecht. Deze informatie- en netwerkbijeenkomst werd georganiseerd
door het ministerie van Defensie, het ministerie
van Economische Zaken en Klimaat, de stichting Nederlandse Industrie
voor Defensie en Veiligheid (NIDV) en de Rijksdienst voor Ondernemend
Nederland (RVO). Het doel van de Europadag was om bedrijven te
informeren over de ontwikkelingen op Europees gebied en de
mogelijkheden om Europese subsidies binnen te halen.
In april stemde het
Europees Parlement in met het European
Defense Fund. Met dit fonds komt er 13 miljard euro beschikbaar
aan subsidies voor de Europese wapenindustrie om onderzoek te doen en
wapens te ontwikkelen. De sfeer was dan ook opgetogen en er waren
zeker twee keer zoveel bezoekers als op de Europadag in 2017, toen er
nog maar 25 miljoen aan Europese subsidies beschikbaar was. De sfeer
was gemoedelijk en sprekers spraken elkaar aan bij de voornaam. Zo
verwees staatsecretaris Visser van Defensie enkele keren gemoedelijk
naar Ron (Nulkes), voorzitter van de lobbykoepel NIDV, waarmee ze in
nauw contact stond om samenwerking tussen de industrie en overheid te
optimaliseren. De sterke band tussen wapenindustrie, defensie en de
Nederlandse politiek was duidelijk zichtbaar op de middag.
De presentator heette
iedereen welkom en vertelt tijdens de huishoudelijke mededelingen dat
er in de middag een demonstratie
gepland staat voor de kazerne. ‘Dat heb je natuurlijk in Nederland.
We zullen het voor jullie in de gaten houden.’ Het klinkt wat
verlangend naar een aanpak die in autoritaire landen toegepast zou
worden, al dan niet met geïmporteerde Europese wapens geproduceerd
met behulp van het Europese subsidies. Als de presentator vraagt om
te gaan staan als jouw categorie genoemd wordt, blijkt dat een derde
van de aanwezigen van een MKB is, een derde van een grootbedrijf en
de zaal verder gevuld is met ambtenaren van het ministerie,
militairen, vertegenwoordigers van kennisinstituten en lobbyisten van
de NIDV. Een blik op de LinkedIn profielen van de aanwezigen verraadt
dat velen meerdere verschillende functies hebben gehad als militair,
ambtenaar op een ministerie, politicus en in het bedrijfsleven.
Een prominent voorbeeld is Hans Hillen,
voormalig minister van Defensie en nu actief als lobbyist voor de
wapenindustrie bij de NIDV. Daarnaast zijn veel oud-militairen een
bedrijf zijn begonnen in consultancy of productie van goederen. Ook
opmerkelijk zijn het aantal oud-militairen die functies hebben op het
Ministerie van Economische Zaken en Klimaat.
De Europadag wordt geopend
met een toespraak van staatssecretaris van Defensie Barbara Visser.
Ze komt inhoudelijk niet veel verder dan een vergelijking tussen de
goede samenwerking van songfestivalheld #TeamDuncan en de
samenwerking tussen de defensie-industrie en de Nederlandse overheid.
Ze lijkt vooral aanwezig om de goede relaties tussen het NIDV te
benadrukken en te communiceren dat de regering aan de kant staat van
het Nederlandse bedrijfsleven in de zoektocht naar subsidies en
steun.
De grote lijnen worden
geschetst door Tom Middendorp, voormalig commandant der
strijdkrachten en aangesteld als speciaal afgevaardigde om de
belangen van Nederlandse overheid en bedrijven te behartigen in
Brussel. Tom Middendorp stelt dat samenwerking tussen de industrie,
kennisinstellingen, ambtenaren en politici noodzakelijk is als ‘we’
aanspraak willen maken op de Europese fondsen. De Europadag is dan
ook bedoeld om de producenten, die in Nederland voor een groot deel
bestaat uit MKB, het vertrouwen te geven om mee te doen en de
netwerken te versterken. Er liggen veel kansen voor de industrie
volgens Middendorp; ‘We zien voor het eerst dat Europa gaat
investeren in defensie. Landen gaan meer investeren in defensie.’
Tegelijkertijd is het een ingewikkelde markt met ‘versnipperde
krijgsmachten’, ‘ondoorzichtig bureaucratisch en stroperig
beleid’, ‘waar samengewerkt moet worden met buitenlandse
partners.’ Volgens Middendorp zijn grote landen met grote
industrieën in het voordeel in het Europese spel. ‘We boksen op
tegen de grote industrielanden, Duitsland en Frankrijk, er werd net
al genoemd hoe groot die delegaties zijn, zeker als je ook nog hun
lobby organisaties daaromheen er bij optelt.’
Uit de speech van Van
Middendorp blijkt dat nationale regeringen zich voorlopig nog steeds
zullen richten op het stimuleren van hun eigen industrie onder het
mom van nationale veiligheid. Het Europees Defensie Fonds wordt
gepresenteerd als oplossing voor de versnipperde
wapenproductie in Europa. Al worden er mooie vergezichten geschetst,
praktisch is samenwerking op de Europadag vooral een manier om een
Europese bonussubsidie binnen te halen. Eigen wapenindustrie eerst.
Het EDF is simpelweg een extra zak geld, naast de al bestaande
nationale onderzoekssubsidies. Binnen het EDF zijn geen Europese
afspraken gemaakt over doublures en aankoopbeleid, dit blijft
nationaal beleid. Zo kunnen nationale regeringen hun eigen bedrijven
blijven bevoordelen in de aanbestedingsprocedures of Amerikaanse
wapens blijven kopen. Nationale regeringen zijn bij voorkeur een
‘launching customer’ voor hun eigen industrie zodat ze de basis
leggen voor toekomstige export van de wapensystemen.
Zo probeert Nederland bij
de aanschaf van nieuwe onderzeeboten de order te gunnen aan het
Nederlandse bedrijf Damen, dat al sinds de Tweede Wereld Oorlog geen
onderzeeboot meer heeft geproduceerd. Dit leidt tot inefficiënte
ontwikkeling en productie, terwijl in dit geval bijvoorbeeld het
Duitse Thyssen-Krupp de kennis al in huis heeft. Deze fragmentatie is
geen probleem volgens de derde spreker Ben Bekkering, Vice Admiraal
en Nederlands vertegenwoordiger bij de NAVO in Brussel. ‘Het
produceren van drie verschillende Europese tanks, vliegtuigen en
schepen moeten we niet duiden als fragmentatie, maar als
diversiteit.’ Mooi gezegd, maar dit klinkt voordeliger voor de
Europese wapenindustrie dan voor de Europese belastingbetaler, die
meerdere onderzoekssubsidies en aankoopbedragen moet ophoesten.
Er heerst een eensgezinde
stemming deze middag. De regering, de ambtenaren, kennisinstellingen
en bedrijven willen samen optrekken om zoveel mogelijk Europese
fondsen binnen te halen. De wapenindustrie is een abnormale markt,
waar nationale overheden de voornaamste afnemers zijn van de wapens.
Het is dan ook niet geheel onlogisch dat afnemer en producent met
elkaar in contact staan.
De vraag is echter:
bepaalt de politiek wel autonoom welke producten er nodig zijn?
Vertegenwoordigers van de industrie en defensie hebben grote invloed
op het Europees
en Nederlands
beleid. Ze stellen het ‘(veiligheids)probleem’ vast, presenteren
de ‘(militaire) oplossing’ en leveren ten slotte hun (militaire)
goederen. Op de Europadag legitimeerde Tom
Middendorp de verhoogde defensiebudgetten en onderzoekssubsidies als
volgt; ‘we het hoofd moeten bieden aan de dreiging van de drie
eRen: Russia, Radicals and Refugees.’
Naar
aanleiding van het EDF organiseerde Stop Wapenhandel een
discussiemiddag over wapenhandel. Nieuwkomer Ismaël
uit Eritrea vertelde hoe verschillende Afrikaanse leiders natuurlijke rijkdommen
verhandelden voor wapens, in plaats van te investeren in sociale
voorzieningen. Toen Ismaël dienst weigerde en moest vluchten, kwam hij tijdens de levensgevaarlijke
tocht naar Europa langs door Europa
bewapende grenzen en kampen.
Het is ongelofelijk dat wij het toestaan dat vluchtelingen worden geframed als vijanden waar militaire oplossingen voor gevonden moeten worden. Het echte gevaar komt van het vermengen van economische en veiligheidsbelangen en de hechte band tussen de industrie, defensie en politiek. Het besluitvormingsproces dat wordt gedomineerd door private belangen en militaire ‘oplossingen’ blijft produceren.
Oorlog en vluchtelingen als verdienmodel, dit allemaal gefinancierd met Europees belastinggeld. Veel van de aanwezigen op de Europadag, met name midden- en klein bedrijven, verdienen hun geld met het maken van mooie civiele producten. Hopelijk kunnen ze de verleiding van de potentiële, maar bloederige, ‘goudmijn’ weerstaan.
Het is ongelofelijk dat wij het toestaan dat vluchtelingen worden geframed als vijanden waar militaire oplossingen voor gevonden moeten worden. Het echte gevaar komt van het vermengen van economische en veiligheidsbelangen en de hechte band tussen de industrie, defensie en politiek. Het besluitvormingsproces dat wordt gedomineerd door private belangen en militaire ‘oplossingen’ blijft produceren.
Oorlog en vluchtelingen als verdienmodel, dit allemaal gefinancierd met Europees belastinggeld. Veel van de aanwezigen op de Europadag, met name midden- en klein bedrijven, verdienen hun geld met het maken van mooie civiele producten. Hopelijk kunnen ze de verleiding van de potentiële, maar bloederige, ‘goudmijn’ weerstaan.